Veel gestelde vragen (deel 4)

Redactie Veel gestelde vragen

Archief Digital Movie 117-2017
Welke videocamera moet ik kiezen?
Een vraag die menig amateur maar ook professional regelmatig stelt. Als we de smartphone buiten beschouwing laten zijn er drie typen videocamera’s te onderscheiden:
1. De run and go
2. Het secenerymodel
3. De actioncam 

De run and go is een camcorder die meteen helemaal gereed is om mee te gaan videofilmen. Je behoeft dit type dus niet zoals bij de spiegelreflex of systeemcamera met extra accessoires op te pimpen. Het model palmtop raakt steeds meer in de vergetelheid. De draagbeugelcamcorder is daarentegen in alle soorten en maten leverbaar. In de prijsklasse van € 2.500,- tot € 4.500,- vind je daar als videohobbyist jouw droomcamera. Zowel automatisch als handmatig te bedienen, een voldoende zoombereik van groothoek tot tele, lichtsterk, professioneel geluid, ingebouwde grijsfilters en zelfs instelbaar gamma en/of VLOG. Een alternatief vormt de schoudercamcorder met dezelfde specificaties.
Het scenery-model is bedoeld voor de creatieve filmer die per scene de videocamera apart toerust met de daarvoor meest geschikte uitbouwmogelijkheden. Dat betekent verwisselbare objectieven, optimale controle over de beeldinstellingen, extra handgrepen of statieven, lampen, viewers of zoekerschachten, filterhouders (compendium) en microfoons. Een groot aantal videofilmers kiest dan voor de systeem- of spiegelreflexcamera die goedkoper als een gelijkwaardige (pro-)camcorder en heel flexibel op maat samen te stellen zijn.
De actioncam is bedoeld voor handsfree (super-)groothoekopnamen. Tevens voor de ruwere omstandigheden zoals schokken, water, stof en vorst. De opnamemogelijkheden en het geluid zijn veel beperkter dan bij 1 en 2.

Hoe digitaliseer ik mijn dia’s?
Er zijn diverse manieren om zelf dia’s te digitaliseren. De hamvraag is en blijft welke kwaliteit je uiteindelijk wilt bereiken. De betere diascanner om aan te sluiten op de computer is dan de beste oplossing. Die geeft de hoogste resolutie en maakt ook softwarematige correctie op stofjes en beschadigingen mogelijk. Dit zowel in kleur als zwart-wit. Er zijn ook diascanners die zonder computer rechtstreeks naar een SD-kaart wegschrijven.
De kwaliteit van de goedkopere diascanners is maar matig. Hetzelfde geldt voor de scanfunctie van de multifunctionele inkjetprinters. Je legt daar een diahouder of -sorteerram in en drukt op scannen in kleur. Voor camera’s met verwisselbare objectieven zijn hier en daar nog zogenaamde diakopieerapparaten te koop. Deze diaduplicatoren bestaan uit een zwarte tubus met bajonetvatting in combinatie met een diahouder en melkglaasje. Je maakt dan met de camera een kopie van het origineel. Een matige optie is het filmen vanaf een diaschermpje. Bij een klein aantal dia’s kan je ook de fotovakhandel het laten doen.

Hoe synchroniseren ik beeld en geluid?
Het precies lipsynchroon krijgen van beeld en geluid is nog niet zo eenvoudig. Dat geldt zowel bij het opnemen met een losse audio(veld-)recorder als meerdere camera’s. Tijdens het opnemen kan je het beste gebruik maken van de tijdcode. Als de gekoppelde apparatuur tegelijk start valt het op tienden van seconden te synchroniseren. Ook bij de montage is synchroniseren met de tijdcode makkelijk te doen.
Een eenvoudiger trucje is het gebruik van een klapbordje, controletoon aan het begin van de opname of even een hand opsteken. Dan kan de editor zich hierbij de montage op ijken.
Tot slot slimme montagesoftware zoals Plural Eyes (voor Windows en MAC). Deze software vergelijkt geluidsporen en vervangt het ene audiospoor exact door het andere dat kwalitatief beter is. Bijvoorbeeld het geluidspoor van de videocamera door de track(s) die met de veldrecorder zijn geregistreerd.

Hoeveel pixels en welke grootte beeldsensor?
Eigenlijk gaat het bij al die megapixels om de zogenaamde photosites. Dat zijn de analoge lichtgevoelige plekjes op de beeldchip. Die geven stroompjes af waarvan de camera elektronica digitale beeldpuntjes (de pixels) maakt, Voor videobeelden zijn veel minder pixels nodig dan bij foto. Het gaat immers meestal om 2K Full HD of 4K UHD en incidenteel om 6 of 8K. In de praktijk voldoen bij video 8-12 Megapixels. Bij foto al naar gelang de grootte van het afdrukken 16-40 Megapixels.
De grootte van de beeldchip wordt opgegeven als delen van een inch of als frame (een full frame is het ouder 36 x 24 mm kleinbeeld beeldje). Hoe groter de beeldchip des te groter en daarmee lichtgevoeliger de camera. Op grotere beeldchips passen zonder elkaar elektronisch te storen tevens meer photosites. Dat geeft minder beeldruis, kleurdefecten en andere artfacten. Voor goede video is 1/3 inch wel het minimum. Echt goed wordt het bij 1 inch of full frame en groter.

Ulco Schuurmans

 

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Check Also
Sennheiser HD 660 S voor gepassioneerde audiofielen
Sennheiser lanceert een nieuwe open, dynamische hoofdtelefoon voor gepassioneerde audiofielen - de HD 660 S. ...