Opnameduur bij videocamera’s: voorkom ruwe onderbrekingen!

Redactie Achtergrond

Archief Digital Movie 142-2021
Veelal zullen videopnamen van een kortere duur zijn omdat je dan per scene schiet. Maar zodra er langere continu-opnamen plaatsvinden kunnen er na circa 20-30 minuten problemen optreden. De camera stopt er mee. Vooral systeemcamera’s zijn daar in een hoge resolutie gevoelig voor. Wat zijn nu de oorzaken van een beperkte opnameduur en wat valt daar nu eigenlijk aan te doen?

De beschikbare opnameduur met een videofilmende fotocamera of camcorder wordt door meerdere factoren bepaald. De belangrijkste zijn de oplopende temperatuur van beeldsensoren bij hoge resoluties en/of rekenintensieve formaten, de interne verwerkingssnelheid, de opslagcapaciteit plus schrijfsnelheid van de geheugenkaarten en de accucapaciteit. Vroeger speelde er ook nog een douaneregeling mee dat systeemcamera’s die langer dan 30 minuten achterelkaar konden opnemen onder het duurdere importtarief van een camcorder vielen. Tegenwoordig is dit geen issue meer.

Temperatuur en hogere resoluties
Rekenwerk in de beeldsensor kost energie en geeft daardoor ook warmte af. Hoe hoger de videoresolutie en beeldkwaliteit des te meer warmte er ontstaat. Nu valt dat bij gewoon full HD flink mee. Daarbij treedt hoogst zelden een te sterke verhitting van de beeldsensor op.
Bij 4K UHD op 50-60 fps en 4:2:2 op 10 bit is dat op systeemcamera’s echter geheel andere koek. De opname stopt dan na 20-30 minuten waarna de beeldsensor geruimere tijd moet afkoelen. Om van opnamen in het hoogwaardige RAW-formaat nog maar niet te spreken. Ook bij highspeed-shots kan de temperatuur van de sensor snel oplopen en de opnametijd bij echt highspeed bedraagt slechts enkele minuten.
Wat valt daar nu aan te doen? Voor de hand ligt om een aantal kortere videoshots te maken of dan maar even te wachten tot de beeldsensor voldoende is afgekoeld. Dat afkoelen kan echter hinderlijk lang duren. Dan ligt het opnamewerk al gauw een half uur stil. Camerafabrikanten kunnen koelvinnen of zelfs stille ventilatoren inbouwen. Zulks helpt bij niet al te hoge omgevingstemperaturen prima. Of pak anders de betere camcorder. Die heeft vaak een betere interne ventilatie/warmteafvoer en valt niet snel uit.

Beeldbewerking
De interne beeldprocessing kan bij eenvoudiger systeemcamera’s roet in het eten gooien. Als er teveel data achter elkaar binnen komen raakt de elektronica en/of interne beeldbuffer in de systeemcamera overvraagd. Bij camcorders zie je dit overigens zelden. Die zijn van huis uit gelimiteerd tot de maximaal haalbare verwerkingssnelheid. Het enige dat tegen deze oorzaak helpt is om een lagere resolutie (compressie), framerate of YUV-waarde in te stellen. Dat geeft meer processinglucht.

Opslagcapaciteit en schrijfsnelheid
Met een steeds hogere resolutie, YUV in 4:2:2, 10 bits een framerates van 50-50P wordt de geheugenkaart stevig belast. 32 GB houdt het nog maar net 30-60 minuten vol. En een 64-128 GB opslagcapaciteit komt steeds meer in aanmerking
voor een opnametijd van twee uur of meer. Gelukkig bieden duurdere videocamera’s twee slots voor geheugenkaarten. De eerste kaart vol? Dan schakelt het opnamesysteem naadloos over op de tweede kaart.
De snelheid waarmee de camera opgenomen AV-data naar de geheugenkaart wegschrijft kan een bottleneck vormen. Gelukkig voldoen de betere SD- en CF-kaarten wel aan de doorsnee datastromen. Klasse 10 (= 10 MB/s) is al goed genoeg voor gewoon UHD. Gebruik SD UHS-II bij de zwaardere gevallen.
N.B. In de camera gaat de datarate in megabits per seconde en de geheugenkaarten specificeren in MegaBytes.
In geval van 8K en RAW in hoge resolutie zijn gewone SD-kaarten ongeschikt! Dan komen bijvoorbeeld en CFExpress-cards in aanmerking. Wie echt veel opnamecapaciteit en/of opnamen bij hoge snelheden met YUV 4:2:2 in 10 bits nodig heeft kan een SSD-recorder inzetten. Handig is om deze in combinatie met een viewerscherm aan te schaffen. Bijvoorbeeld van Atomos en Blackmagic.

De accucapaciteit
Dat was vroeger bij de tapecamcorders een dingetje. De draaiende mechanische delen vraten energie. Met digitale SD-cards is dat afgelopen. Je kunt op een middenklasse LithiumIon-accu al gauw twee uur opnemen. Pas wel op bij kleine systeemcamera’s waarin slechts compacte accu’s met een gelimiteerde capaciteit in passen. Die kunnen na 30 minuten opnametijd al leeg zijn.
Oplossingen voor een te geringe accucapaciteit zijn: een zwaarder model kopen, gebruikmaken van een cameragrip waarin meerdere accu’s passen of de camera op de (USB-)-netstroomvoeding aansluiten.

Ulco Schuurmans

 

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Check Also
Optoma UHZ50 4K-laser-thuisbioscoopprojector
Optoma voegt de nieuwe UHZ50 aan de home cinema modellenreeks toe, een betaalbare, hoogwaardige 4K-laser-thuisbioscoopprojector. ...